Jelmer Uitentuis

project- en programmaontwikkeling

menu

Friso Wiersum

May 4, 2017

Friso Wiersum organiseerde in maart, net voor de verkiezingen, de Culturele Zondag met als titel Uitgesproken Utrecht. Overal in de stad vonden gesprekken plaats over een keur aan onderwerpen. Friso werkte eerder voor debatcentrum Tumult, en werkt nu in het collectief Expodium dat onderzoek doet naar urbane omgevingen, en als communicatiemanager bij het European Cultural Foundation.

Hoe ben jij programmamaker geworden?
Toen ik op de middelbare school zat was de Balkan oorlog aan de gang. Mijn communistische docenten beweegden ons om actief bezig te zijn met de oorlog en stuurden ons naar verschillende conferenties waar jongeren uit het Oosten en het Westen elkaar ontmoetten. Dit project liep een beetje uit de hand: ik had een actiegroep opgericht en was er veel mee bezig. Toen ik klaar was met school heb ik een tijd rondgehangen op de Balkan maar ik kon niet goed bevatten en begrijpen wat er precies gebeurd was. Ik besloot terug te gaan naar Nederland en daar geschiedenis te gaan studeren om de geschiedenis beter te begrijpen. Daar leerde ik vooral dat wanneer één ding anders was, de gehele geschiedenis anders was geweest. De geschiedenis bestaat immers uit een keten van gebeurtenissen. Dat is geen conservatief idee maar eerder hoopgevend. Met dit idee ben ik eerst bij GroenLinks gaan werken en daarna bij debatcentrum Tumult in Utrecht. We werkten hard: we maakten drie programma’s per week en ik ben daar 7 jaar verantwoordelijk geweest voor alle debatten rond de thema’s urbanisme en politiek. Sinds 2012 ben ik lid van het collectief Expodium. Verder werk ik ook als freelancer en organiseer ik bijvoorbeeld Hacking Habitat en de Culturele Zondag. Het idee dat de geschiedenis anders kan zijn door één specifieke gebeurtenis is nog steeds een belangrijk uitgangspunt in mijn werk.

Waarom maak je programma’s?
Ten eerste leer ik er zelf heel erg veel van, omdat ik met allemaal slimme mensen mag werken.
Ten tweede hoop ik dat mensen op een andere manier van naar de werkelijkheid gaan kijken. De werkelijkheid hoeft niet zo te zijn zoals die wordt voorgesteld, het is juist belangrijk dat mensen de werkelijkheid zelf vormgeven. Mensen kunnen volgens mij veel leren van een goed verhaal of een programma, omdat ze zich ertoe moeten verhouden.
Kunst speelt een grote rol in mijn werk. Zo heb ik bijvoorbeeld met Hacking Habitat het voortraject van de kunstvoorstelling van Ine Gevers gemaakt. Het voortraject draaide om vier grote thema’s die ook in de expositie aan bod kwamen. Het algemene thema van Hacking Habitat was de rol van technologie: hetgeen wat ons controleert maar waar wij ook meer controle door krijgen. De onderliggende thema’s waren schuld, onzichtbaarheid, bureaucratie en grenzen.

Wat maakt een goed programma tot een goed programma?
Ik vind een aantal dingen belangrijk voor een goed programma, zoals het aanpassen van de vorm op het onderwerp. Wanneer je bijvoorbeeld een intiem onderwerp behandelt moet de afstand tussen zaal en publiek niet te groot zijn. Ook moet je nooit twee gasten programmeren wiens ideeën lijnrecht tegenover elkaar staan omdat niemand zit te wachten op twee bekvechtende mensen. Dan komt het gesprek ooit niet verder omdat de twee mensen het toch niet met elkaar eens worden. Ik vind het veel interessanter om vier verschillende gasten met verschillende meningen in een panel te zetten. Het is prettig als mensen blijven praten en begrip tonen in standpunten van de anderen. Ook moet je een moderator kiezen die affiniteit heeft met het onderwerp en niet op basis van haar of zijn naam.
Een programma is, denk ik, goed als de aanwezige gasten en het publiek na afloop een stap verder hebben gemaakt in hun denken. Het publiek moet worden uitgedaagd om anders naar de werkelijkheid te kijken en er naar te handelen.

Hoe zie jij de verhouding tussen vorm en inhoud?
Volgens mij moet je altijd beginnen bij de inhoud, met wat je wil vertellen. De basis is immers dat wat je mensen mee wil geven. Het is belangrijk dat de vorm die inhoud dient. De vorm houdt voor mij verschillende dingen in: hoe moet het geheel eruit zien, de dramaturgie, op welk moment ligt het zwaartepunt van het programma en wie is de moderator. Dit zijn allemaal factoren die volgens mij behoren tot de vorm en in dienst staan van het verhaal wat ik wil vertellen.
Bij het organiseren van de Culturele Zondag hebben we bijvoorbeeld de gehele zondag (en zaterdagavond) verschillende gesprekken georganiseerd in de stad Utrecht. De gesprekken hadden verschillende vormen, zodat wij verschillende soorten publiek konden aantrekken, en zodat elk onderwerp gesteund werd door haar eigen, specifieke vorm.

Wie bepaalt de inhoud? Opdrachtgevers, jij? / hoe kom je daar samen uit?
Ik bof heel erg want ik heb nog nooit voor een opdrachtgever gewerkt waarvoor ik nooit meer wil werken. In eerste instantie is het erg belangrijk om een persoonlijke relatie aan te gaan met de opdrachtgever en samen tot een eerste overeenstemming te komen, dan kan je daar later op terugvallen. Je bouwt een ideologisch huis, waarvan je de kamers gaat vullen. Dit is het spannendste onderdeel. Maar als programmamaker moet je soms wel met de vuist op tafel slaan, want het sluiten van compromissen komt de programma’s meestal niet ten goede.

Wat zijn de hoogte- en dieptepunten uit je programma-carriere?
Een hoogtepunt voor mij was een avond met Lieven de Cauter. Hij is een Vlaamse filosoof, een goede denker en een lieve man. Ik had hem uitgenodigd om een lezing uit te spreken. Het klikte goed tussen ons en we besloten aan het eind van de avond nog een joint te roken op zijn hotelkamer. We hebben de hele minibar leeggedronken. Het is misschien een stom verhaal maar het was een mooie avond voor mij. Mensen zoals Lieven de Cauter zijn zo slim dat je soms vergeet dat het ook mensen zijn. Die nacht was een mooi voorbeeld van hoe de afstand tussen mensen kan verdwijnen. Ik keek heel erg tegen hem op en had niet verwacht dat ik een hele nacht zo relaxed met hem kon doorbrengen.
Een dieptepunt uit mijn carrière was een programma op de avond van 4 mei. Ik had het programma georganiseerd ‘Arts in Conflict’. Het ging over het tonen van werken van kunstenaars die in conflictgebieden werkten of uit dat gebied kwamen. Het was een heel mooi programma met eerlijke sprekers, een moderator die het onderwerp goed begreep en een goede opbouw. Alles klopte behalve… er waren maar 10 mensen. Dat was echt niet best maar voor de sprekers en de moderator moet je het dan toch door laten gaan.

Welke tips zou je een beginnend programmamaker kunnen geven?
Je moet altijd nieuwsgierig blijven want als je dat niet bent, ben je niet meer gedreven en laat je jezelf niet meer verassen. Bel nooit de eerste vier namen uit je bakje maar zoek verder en blijf jezelf pushen. Verzand niet in gemak maar blijf nieuwsgierig want je moet je sprekers, je publiek en vooral jezelf serieus nemen.